Nog geen dag na de eerste keer dat ik je zag. Kon ik aan niets anders meer denken. Ik was volledig van slag. Nu rijd ik hier bezeten door het donker van de nacht.
Er is een engel uit de hemel weggevlogen. en ze heeft haar glazen vleugels afgelegd. toen ze alles had gedaan om weg te mogen. kwam ze met zachte landing in m'n warme bed terecht.
Je hoeft geen indruk op mij te maken. Zoals je bent zo is het goed. Uit hetzelfde hout gesneden. Door dezelfde droom gevoed. Ik hoef van jou geen dure verhalen.
De gordijnen heb je open, binnen brandt er licht. Ik zie je in de kamer lopen, ik zie een ogenblik jouw gezicht. Als ik voor de tiende keer aan je huis voorbij rijdt.
Ik kon niet weten, wat me nog te wachten stond. Ik ben vergeten, hoe het eigenlijk begon. Maar ik raakte in je netten, en ik wilde me verzetten. Ik wist niet eens of ik je aardig vond.
Ik wit net asto sitst te wachtsjen. Op in freunlik wurd fan my. As ik dy oprop yn myn gedachten. Dan wurd ik sa bliid fan dy. Ik fiel it as ik dy foarby rin.
Ze dwalen op de grens, alles lijkt kapot. Gevangen in de lens of in de baan van het schot. Scherpe ogen vol emoties en vol strijd. Als fakkels die zullen blijven branden.
Opgesloten in het lot. Het gaat niet meer zoals je wilt. Je wordt gedwongen sterk te zijn. Al is er niemand die het zegt. De last rust op je schouders.
De stilte duurt te lang, je bent afwezig. Zo onbereikbaar als ik in je ogen kijk. Er groeit een afstand tussen ons beiden. We gaan elkaar steeds meer ontwijken.
je spreek met mij. zoals de wind speelt met je haar. je trekt me aan je stoot me af. m'n liefde weegt te zwaar. je verbergt de twijfel. als je geheim wordt bedreigd.
Als een boemerang terugkomt op de plek vanwaar je 'm gooit. Geeft dat een goed gevoel je hebt je doel voltooid. Als een marathonloper over de finish komt.
zal ik straks nog bij je komen. ik ben de hele avond vrij. heb je zin om weg te dromen. net zoals die keer bij mij. en ik weet dat het geen hout snijdt.
ik zag een man die zich liet leiden. door wat een ander had gezegd. zich verschuilen achter kreten. overtuigend maar onterecht. hij hoefde niet te denken.
It read beskynt de greiden, de jn falt oer de mar. Dr stean se mei har beiden en hy sjocht noch ris nei har. Se stean foar harren hutte, fan plen, liem en reid.
oh nacht, ik weet 't. Het wordt van mij verwacht. Nacht, ik voel 't. Het heeft me in z'n macht. Er is onrust in m'n hart. En onrust in m'n bloed. De twijfel voedt dat bloed.
Ik hoor een lied, dat me wakker schudt. Ik sta op en betaal, en besef dat ik je mis. De straten zijn leeg, de stad is ingedut. En het water in de grachten lijkt zwarter dan het is.
ik kan je vragen om een vuurtje. ik kan je vragen hoe je woont. ik kan je vragen iets te drinken. en of je werk de moeite loont. refr.:. maar toen ik jou hier zag was ik meteen verkocht.
'k heb de hoorn van de haak gelegd. 'k heb geen zin om er te zijn. er is vandaag al veel te veel gezegd. veel te veel om waar te zijn. ' k blijf het liefste in me zelf gekeerd.
Hij staat alleen in deze maatschappij. Hij zwerft en hoort eigenlijk nergens bij. Hij bemoeit zich niet met politiek. Want dat geouwehoer maakt hem meestal ziek.
Je ziet ze op tv, op het strand of in de trein. Ze hebben alles mee, van blond tot zwart. Van groot tot klein, soms zo onschuldig. Soms een groot gevaar, kijk maar in de bladen.