Je buien maken vlekken. Op mijn hagelwit humeur. Ik heb m'n handen op je heupen. Maar m'n hoofd is bij de deur. . Ze zeggen dat het went. Ik heb het geprobeerd.
(tekst: Peter Slager / muziek: Bas Kennis). . Als ik op de trein stap ben ik weer alleen. Zonder mijn sleutels en zonder wat hoort. Zonder te vluchten en zonder een woord.
Ik ben niet verliefd. Maar wel een beetje in de war. Door wat je gisteravond zei. Ik zei niets en zat erbij. Ik dacht alleen. Dat nu de twijfel wel weer toe zou slaan.
Mijn woord viel met een klap in duizend stukken. Van vierhoog naar beneden, zo op straat. De stenen waren harder dan mijn zinnen. En binnen hing de geur van hoogverraad.
Kom bij me langs.. Laat me niet wachten tot morgen of ooit, een andere keer.. Klop op mn deur, breng een fles wijn mee en drink op ons grote geluk. dat steeds meer verdwijnt,.
Een dag op de grens tussen beten en gerucht. Is genoeg om gek te worden, ook al is het valse lucht. Een dag op de grens tussen liefde en verraad. 't Is genoeg om gek te worden al bedoelt ze het niet kwaad.
Loop langzaam van me weg. Met een trots gerechte rug. Loop langzaam van me weg. Je weet, je komt hier nog meer terug. Loop langzaam van me weg. Want vandaag gaat het niet meer.
Toen mijn koningin nog een klein prinsesje was. Keek ik haar altijd na op straat en vroeg me telkens af. Komt er ooit een dag voordat ik sterf. Waarop ik onze namen in een boomstam kerf.
De vraag is niet of er nog veel te zeggen valt. En of er ruimte is voor nog meer spijt. Het antwoord is overduidelijk. Het antwoord geeft zichzelf:. .
Ik zing je uitgewoonde woorden. In een ongeschikte taal. Ik speel tweedehands akkoorden. Want ik steel ze allemaal. . Ik verf een afgeleefde wereld. Een ingestorte stad.
Ze stonden nog te zwaaien. In het veel te kleine deurgat. Ik keek niet achterom:. Want wat voorbij is is voorbij. Ik trek m'n voeten uit de klei. Er staat welkom op de deurmat.
Ik moet lachen als ze langskomt. Met haar roodgestifte mond. Met haar roodgelakte nagels. En haar strakgerokte kont. . Ik moet zuchten van haar schoonheid.
[Verse]. Zie je ze lopen. daar in de verte. Ze lijken gelukkig en vrij. ze groeten ons blij alsof ze ons kennen. Al zien ze ons pas voor het eerst en het laatst.
Daar komt mijn schip al aan. ik kijk vanaf het strand. Schrijven in het zand. is voor mij nu wel gedaan. Want de letters van je naam. blijven in het zand niet staan.
Neem geen genoegen met een antwoord. Neem geen genoegen met wat geldt. Neem geen genoegen met de wereld. Neem geen genoegen met geweld. . Zonder plannen voor de toekomst.